De kolibrie kan iets wat geen andere vogel kan. Het is een zonderling, een uitzondering.
Het kan vertragen in de vlucht. Het kan zelfs achteruitvliegen en een pauze nemen wanneer het wil.
Het heeft een spiegeling, dus het ziet zichzelf, heeft bewustzijn en het bestaat. Het werpt een schaduw, want die kant hoort er ook bij.
Het oog kijkt naar boven in de hoop daar iets te vinden en vindt eigenlijk alleen fantasie, wat niets brengt. De realiteit hangt recht voor haar pupil.
Zie eens, Jochem, hoe prachtig! Het is een bijzonderling.